Wet van 24 juni 2026 tot wijziging van het voorstel van wet tot wijziging van de Algemene wet bestuursrecht, de Huisvestingswet 2014, de Omgevingswet, de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en de Woningwet in verband met de versterking van de regie op de volkshuisvesting en met het oog op enkele andere met de volkshuisvesting samenhangende maatregelen (Wet versterking regie volkshuisvesting)
Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.
Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! doen te weten:
Alzo Wij in overweging genomen hebben dat het wenselijk is om het bij koninklijke boodschap van 6 maart 2024 ingediende voorstel van wet tot wijziging van de Algemene wet bestuursrecht, de Huisvestingswet 2014, de Omgevingswet, de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en de Woningwet in verband met de versterking van de regie op de volkshuisvesting en met het oog op enkele andere met de volkshuisvesting samenhangende maatregelen (Wet versterking regie volkshuisvesting) (Kamerstukken 36 512) op onderdelen te wijzigen in verband met de juridische houdbaarheid en uitvoerbaarheid;
Zo is het dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:
ARTIKEL I
Indien het bij koninklijke boodschap van 6 maart 2024 ingediende voorstel van wet tot wijziging van de Algemene wet bestuursrecht, de Huisvestingswet 2014, de Omgevingswet, de Wet maatschappelijke ondersteuning 2015 en de Woningwet in verband met de versterking van de regie op de volkshuisvesting en met het oog op enkele andere met de volkshuisvesting samenhangende maatregelen (Wet versterking regie volkshuisvesting) (Kamerstukken 36 512) tot wet wordt verheven, wordt die wet als volgt gewijzigd:
A
Artikel II, onderdeel F, onderdeel 3 komt te luiden:
4.
Burgemeester en wethouders verstrekken jaarlijks aan gedeputeerde staten en aan Onze Minister een overzicht van:- het aantal aanvragen voor indeling in een urgentiecategorie als bedoeld in het tweede lid;
- het aantal besluiten met indeling in een urgentiecategorie als bedoeld in het tweede lid;
- het aantal woonruimten dat in gebruik is genomen op grond van een huisvestingsvergunning als bedoeld in het eerste lid; en
- de urgentiecategorieën waarvoor een huisvestingsvergunning als bedoeld in het eerste lid is verleend.
B
Artikel III wordt als volgt gewijzigd:
C
In artikel VII, vijfde lid, wordt «blijven artikel 9.4 en 15.52 van de Omgevingswet zoals die luidden voor inwerkingtreding» vervangen door «blijft artikel 9.4 van de Omgevingswet zoals dat luidde voor inwerkingtreding».
D
Na artikel IX wordt een artikel ingevoegd, luidende:
Artikel IXa
Indien het bij koninklijke boodschap van 25 september 2025 ingediende voorstel van wet tot wijziging van diverse wetten in verband met het overzetten van bepalingen uit de Vangnetregeling Omgevingswet naar de wet in formele zin, alsmede met het herstellen van wetstechnische gebreken en leemten (Kamerstukken 36 824) tot wet is of wordt verheven en artikel XII, onderdeel E, van die wet:
ARTIKEL II
Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.