Part of Smart Yellow Suite

WGK025455
Wijziging Wet milieubeheer in verband met implementatie wijziging richtlijn hernieuwbare energie (RED3)

Updates ontvangen over deze regeling? Log in

Overheid.nl - XML - JSON

Type Wet
Fase Bekendmaking
Ministerie Infrastructuur en Waterstaat
Datum uitgave 11 oktober 2023
Datum inwerkingtreding -
Per KB Ja

Opschrift

Wet tot wijziging van de Wet milieubeheer en de Wet op de accijns in verband met de implementatie van Richtlijn (EU) 2023/…. Van het Europees Parlement en de Raad van ….. ter .....

Samenvatting

Wijziging van de Wet milieubeheer in verband met implementatie van de gewijzigde Richtlijn hernieuwbare energie (RED3). Belangrijkste wijzigingen betreffen de wijziging van een energiesturing naar de CO2-sturing en de introductie van sturing op vervoerssectoren.

Documenten

stb-2026-83 (PDF)

Wet van 1 april 2026 tot wijziging van de Wet milieubeheer en de Wet op de accijns in verband met de implementatie van Richtlijn (EU) 2023/2413 van het Europees Parlement en de Raad van 18 oktober 2023 tot wijziging van Richtlijn (EU) 2018/2001, verordening (EU) 2018/1999 en Richtlijn 98/70/EG wat de bevordering van energie uit hernieuwbare bronnen betreft, en tot intrekking van Richtlijn (EU) 2015/652 van de Raad

Wij Willem-Alexander, bij de gratie Gods, Koning der Nederlanden, Prins van Oranje-Nassau, enz. enz. enz.

Allen, die deze zullen zien of horen lezen, saluut! Doen te weten:

Alzo Wij in overweging genomen hebben dat het wenselijk is om de Wet milieubeheer en de Wet op de accijns te wijzigen in verband met de implementatie van Richtlijn (EU) 2023/2413 van het Europees Parlement en de Raad van 18 oktober 2023 tot wijziging van Richtlijn (EU) 2018/2001, verordening (EU) 2018/1999 en Richtlijn 98/70/EG wat de bevordering van energie uit hernieuwbare bronnen betreft, en tot intrekking van Richtlijn (EU) 2015/652 van de Raad;

Zo is het, dat Wij, de Afdeling advisering van de Raad van State gehoord, en met gemeen overleg der Staten-Generaal, hebben goedgevonden en verstaan, gelijk Wij goedvinden en verstaan bij deze:

ARTIKEL I

De Wet milieubeheer wordt als volgt gewijzigd:

A

Artikel 9.7.1.1 wordt als volgt gewijzigd:

onderneming als bedoeld in artikel 5 van de Handelsregisterwet 2007, voor zover deze onderneming is ingeschreven in het handelsregister als bedoeld in die wet en rechtspersoonlijkheid bezit als bedoeld in artikel 3 van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek;
B

Artikel 9.7.1.2, tweede lid, komt te luiden:

2.
Bij algemene maatregel van bestuur worden nadere regels gesteld over de levering tot eindverbruik sector zeevaart en de leverancier met een levering tot eindverbruik sector zeevaart.
C

Artikel 9.7.1.3 komt te luiden:

Artikel 9.7.1.3
Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over:
  1. de invoer en het gebruik van gegevens door inboekers en andere marktdeelnemers in de Uniedatabank, bedoeld in artikel 31 bis, tweede lid, van de richtlijn hernieuwbare energie;
  2. de controle op de ingevoerde gegevens in de Uniedatabank door het certificeringsorgaan van het duurzaamheidsysteem of het vrijwillige systeem, bedoeld in artikel 31 bis, vijfde lid, van de richtlijn hernieuwbare energie, met inbegrip van de controle over de ingevoerde gegevens door luchtvaartbrandstofleveranciers als bedoeld in artikel 10 van Verordening (EU) 2023/2405.
D

In artikel 9.7.1.4 wordt «en de rijksbelastingdienst» vervangen door «, de rijksbelastingdienst en de distributiesysteembeheerder».

E

De titelaanduiding van paragraaf 9.7.2. komt te luiden: § 9.7.2. Jaarverplichting hernieuwbare energie vervoer

F

Artikel 9.7.2.1 komt te luiden:

Artikel 9.7.2.1
1.
De leverancier tot eindverbruik is in enig kalenderjaar het aantal per soort emissiereductie-eenheden als bedoeld in artikel 9.7.3.2, tweede lid, verschuldigd, dat overeenkomt met het bij algemene maatregel van bestuur vast te stellen percentage CO2-equivalent-ketenemissiereductie van zijn levering tot eindverbruik sector land, zijn levering tot eindverbruik sector binnenvaart of zijn levering tot eindverbruik sector zeevaart in het direct aan dat kalenderjaar voorafgaande kalenderjaar.
2.
Bij algemene maatregel van bestuur worden voor de toepassing van het eerste lid per sector eisen gesteld aan het aantal en soort emissiereductie-eenheden als bedoeld in artikel 9.7.3.2, tweede lid.
3.
Bij algemene maatregel van bestuur worden voor het voldoen aan de jaarverplichting regels gesteld over het gebruik van emissiereductie-eenheden uit de verschillende sectoren, bedoeld in artikel 9.7.3.2, eerste lid, en het gebruik van raffinagereductie-eenheden, waaronder regels over het maximum gebruik per sector van deze emissiereductie-eenheden en raffinagereductie-eenheden.
4.
Ten behoeve van de uitvoering van het derde lid kan bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden bepaald dat voor het voldoen aan de jaarverplichting in een sector raffinagereductie-eenheden worden vermenigvuldigd met een bij ministeriële regeling vast te stellen factor kleiner dan één en geldt de vermenigvuldigingsfactor één tot in ieder geval 2030.
G

In artikel 9.7.2.3, eerste lid, wordt «zijn levering tot eindverbruik» vervangen door «zijn levering tot eindverbruik sector land, zijn levering tot eindverbruik sector binnenvaart of zijn levering tot eindverbruik sector zeevaart».

H

Artikel 9.7.2.4 wordt als volgt gewijzigd:

I

Artikel 9.7.2.5 wordt als volgt gewijzigd:

2.
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden voor de levering tot eindverbruik sector land, de levering tot eindverbruik sector binnenvaart of de levering tot eindverbruik sector zeevaart, regels gesteld over de afschrijving van het aantal per soort emissiereductie-eenheden, bedoeld in het eerste lid, onderdeel b.
J

Na artikel 9.7.2.5 wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 9.7.2.6
1.
De leverancier tot eindverbruik overlegt voor 1 mei van het kalenderjaar volgend op het kalenderjaar van zijn levering tot eindverbruik sector binnenvaart of zijn levering tot eindverbruik sector zeevaart aan het bestuur van de emissieautoriteit een verklaring van een verificateur, waaruit blijkt dat deze levering of leveringen volledig is of zijn ingevoerd op zijn rekening met jaarverplichtingfaciliteit.
2.
De verificateur bewaart alle gegevens en documentatie met betrekking tot de verificatie gedurende ten minste vijf jaar na afloop van het kalenderjaar waarop de verificatie betrekking heeft.
3.
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere eisen worden gesteld aan de verificateur en de verificatie.
K

De titelaanduiding van paragraaf 9.7.3 komt te luiden: § 9.7.3. Emissiereductie-eenheden

L

Artikel 9.7.3.1 komt te luiden:

Artikel 9.7.3.1
1.
Een emissiereductie-eenheid vertegenwoordigt een bijdrage aan de jaarverplichting van één kg CO2-equivalent-ketenemissiereductie, berekend overeenkomstig een bij ministeriële regeling vast te stellen rekenregel.
2.
Een emissiereductie-eenheid wordt uitsluitend in het register gehouden.
M

Artikel 9.7.3.2 komt te luiden:

Artikel 9.7.3.2
1.
Een emissiereductie-eenheid wordt onderscheiden naar gelang de hernieuwbare energie is geleverd aan de volgende sectoren:
  1. sector land;
  2. sector binnenvaart;
  3. sector zeevaart.
2.
Een emissiereductie-eenheid wordt voorts onderscheiden in de volgende soorten:
  1. emissiereductie-eenheid conventioneel;
  2. emissiereductie-eenheid geavanceerd;
  3. emissiereductie-eenheid bijlage IX-B;
  4. emissiereductie-eenheid hernieuwbare brandstof van niet-biologische oorsprong;
  5. emissiereductie-eenheid elektriciteit;
  6. emissiereductie-eenheid overig.
N

In artikel 9.7.3.3 wordt «hernieuwbare brandstofeenheid» vervangen door «emissiereductie-eenheid».

O

Artikel 9.7.3.4 komt te luiden:

Artikel 9.7.3.4
1.
Overdracht van een of meer emissiereductie-eenheden mag niet leiden tot een negatief saldo aan emissiereductie-eenheden per soort op de rekening.
2.
Overdracht van een of meer emissiereductie-eenheden is niet toegestaan bij een negatief saldo aan emissiereductie-eenheden per soort op de rekening.
P

In artikel 9.7.3.5, eerste lid, wordt «hernieuwbare brandstofeenheid» telkens vervangen door «emissiereductie-eenheid».

Q

In artikel 9.7.3.7 wordt «hernieuwbare brandstofeenheid» telkens vervangen door «emissiereductie-eenheid».

R

Artikel 9.7.3.8 komt te luiden:

Artikel 9.7.3.8
Indien het saldo van het aantal per soort emissiereductie-eenheden op een rekening in het register negatief is, worden de bijgeschreven emissiereductie-eenheden per soort volgens bij algemene maatregel van bestuur vast te stellen regels afgeschreven.
S

Na artikel 9.7.3.8 wordt een artikel ingevoegd, luidende:

Artikel 9.7.3.9
Het bestuur van de emissieautoriteit stelt voor de sector land en de sector binnenvaart jaarlijks, per soort emissiereductie-eenheid die de leverancier tot eindverbruik voor het voldoen aan zijn jaarverplichting mag gebruiken, de energiebijdrage van de emissiereductie-eenheid vast. Bij ministeriële regeling worden regels gesteld met betrekking tot de jaarlijkse vaststelling.
T

De titelaanduiding van paragraaf 9.7.4. komt te luiden: § 9.7.4. Inboeken hernieuwbare energie vervoer

U

Artikel 9.7.4.1 komt te luiden:

Artikel 9.7.4.1
1.
Een inboeker kan tot 1 maart van enig kalenderjaar inboeken in het register de in het direct aan die datum voorafgaande kalenderjaar:
  1. door hem aan de Nederlandse markt voor vervoer geleverde vloeibare biobrandstof die voldoet aan artikel 9.7.4.2;
  2. door hem aan vervoer in Nederland geleverde gasvormige biobrandstof die voldoet aan artikel 9.7.4.3;
  3. door hem aan de Nederlandse markt voor vervoer geleverde vloeibare hernieuwbare brandstof van niet-biologische oorsprong die voldoet aan artikel 9.7.4.4;
  4. door hem aan vervoer in Nederland geleverde gasvormige hernieuwbare brandstof van niet-biologische oorsprong die voldoet aan artikel 9.7.4.4, of
  5. door hem of als inboekdienstverlener aan vervoer in Nederland geleverde elektriciteit, die voldoet aan bij of krachtens algemene maatregel van bestuur gestelde eisen, met uitzondering van elektriciteit geleverd aan bij algemene maatregel van bestuur te bepalen bestemmingen of laadinfrastructuur.
2.
Bij de inboeking, bedoeld in het eerste lid, wordt een onderscheid gemaakt naar gelang de hernieuwbare energie is geleverd aan de:
  1. sector land;
  2. sector binnenvaart;
  3. sector zeevaart.
3.
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld met betrekking tot:
  1. de inboeker, bedoeld in het eerste lid;
  2. de inboekdienstverlener, bedoeld in het eerste lid, onderdeel e;
  3. de minimale hoeveelheden in te boeken elektriciteit door een inboeker;
  4. het geaggregeerd inboeken van elektriciteit door de inboekdienstverlener.
V

Artikel 9.7.4.2 wordt als volgt gewijzigd:

  1. bevond zich direct voorafgaand aan de levering aan de Nederlandse markt voor vervoer op een opslaglocatie van de inboeker die door het door hem gehanteerde duurzaamheidsysteem is gecertificeerd, dan wel op een andere locatie voor zover die certificering zich over die opslaglocatie uitstrekt en voert over die opslaglocatie de massabalans van biobrandstoffen,.
  1. voldoet aan de overig bij of krachtens algemene maatregel van bestuur gestelde eisen, waaronder eisen ten aanzien van het aantonen dat de hoeveelheid ingeboekte biobrandstof is geleverd aan de Nederlandse markt voor vervoer,.
  1. betreft geen ethanol, met uitzondering van ethanol met GN-code 2207 10 00.
2.
Bij algemene maatregel van bestuur kunnen leveringen van bepaalde vloeibare biobrandstoffen afkomstig van landen buiten Nederland worden uitgezonderd van het eerste lid, onderdeel b, ten aanzien van de verplichting om de massabalans van biobrandstoffen te voeren over de opslaglocatie waar de vloeibare biobrandstof zich direct voorafgaand aan de levering aan de Nederlandse markt voor vervoer bevond.
W

Artikel 9.7.4.4 komt te luiden:

Artikel 9.7.4.4
De in te boeken vloeibare of gasvormige hernieuwbare brandstof van niet-biologische oorsprong:
  1. voldoet aan bij of krachtens algemene maatregel van bestuur gestelde broeikasgasemissiereductiedrempels;
  2. bevond zich direct voorafgaand aan de levering aan de Nederlandse markt voor vervoer op een opslaglocatie van de inboeker die door het door hem gehanteerde vrijwillige systeem is gecertificeerd, dan wel op een opslaglocatie van een ander voor zover die certificering zich over die opslaglocatie uitstrekt en voert over die opslaglocatie de massabalans van hernieuwbare brandstoffen van niet-biologische oorsprong, en
  3. voldoet aan de overige eisen, gesteld bij of krachtens algemene maatregel van bestuur.
X

Artikel 9.7.4.5, eerste lid, onderdeel d, komt te luiden:

  1. kunnen regels worden gesteld voor de administratieve organisatie van de inboeker met maatregelen van interne beheersing en controle voor het inboeken van geleverde hernieuwbare energie.
Y

Artikel 9.7.4.6 komt te luiden:

Artikel 9.7.4.6
1.
Het bestuur van de emissieautoriteit schrijft voor één kg CO2-equivalent-ketenemissiereductie die is ingeboekt in het register op de rekening van de inboeker:
  1. één emissiereductie-eenheid conventioneel bij, indien de geleverde biobrandstof is geproduceerd uit:
    1. voedsel- en voedergewassen, met een laag risico of gecertificeerd laag risico op indirecte veranderingen in landgebruik als bedoeld in verordening (EU) 2019/807; of
    2. een bijproduct van de productie of verwerking van voedsel- en voedergewassen, niet zijnde de grondstoffen, bedoeld in bijlage IX van de richtlijn hernieuwbare energie of verordening (EU) 2022/996;
  2. één emissiereductie-eenheid geavanceerd bij, indien de geleverde biobrandstof is geproduceerd uit:
    1. grondstoffen als bedoeld in bijlage IX, deel A, van de richtlijn hernieuwbare energie of als zodanig aangemerkt in verordening (EU) 2022/996; of
    2. een grondstof die voorkomt op een bij ministeriële regeling vast te stellen lijst van materialen;
  3. één emissiereductie-eenheid bijlage IX-B bij, indien de geleverde biobrandstof is geproduceerd uit grondstoffen als bedoeld in bijlage IX, deel B, van de richtlijn hernieuwbare energie of als zodanig aangemerkt in verordening (EU) 2022/996;
  4. één emissiereductie-eenheid hernieuwbare brandstof van niet-biologische oorsprong bij voor een geleverde vloeibare of gasvormige hernieuwbare brandstof van niet-biologische oorsprong;
  5. één emissiereductie-eenheid elektriciteit bij voor het gedeelte van de geleverde of door natuurlijke personen op hun onroerende zaak geladen elektriciteit afkomstig uit hernieuwbare bronnen;
  6. één emissiereductie-eenheid overig bij:
    1. indien de geleverde biobrandstof is geproduceerd uit een residu van de productie of verwerking van voedsel- en voedergewassen, niet zijnde de grondstoffen, bedoeld in bijlage IX van de richtlijn hernieuwbare energie of verordening (EU) 2022/996; of
    2. indien de geleverde biobrandstof is geproduceerd uit grondstoffen, niet zijnde de grondstoffen, bedoeld in de onderdelen a tot en met d en f, onder 1°.
2.
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld over de berekening van de CO2-equivalent-ketenemissiereductie.
3.
De hoeveelheid ingeboekte CO2-equivalent-ketenemissiereductie wordt per soort emissiereductie-eenheid naar beneden afgerond op één kilogram.
4.
In afwijking van het eerste lid schrijft het bestuur van de emissieautoriteit voor een door een importeur ingeboekte hoeveelheid hernieuwbare energie emissiereductie-eenheden bij op de rekening van die importeur, nadat die importeur volgens bij ministeriële regeling gestelde regels heeft aangetoond dat die hoeveelheid hernieuwbare energie aan de Nederlandse markt is geleverd.
5.
In afwijking van het eerste lid, onderdeel f, kan het bestuur van de emissieautoriteit een aantal emissiereductie-eenheden overig bijschrijven ter grootte van de CO2-equivalent-ketenemissiereductie, vermenigvuldigd met een bij ministeriële regeling vast te stellen factor kleiner dan één, voor de grondstoffen van het eerste lid, onderdeel f, waarbij een onderscheid per grondstof gemaakt kan worden.
6.
Een geleverde biobrandstof die geproduceerd is uit voedsel- en voedergewassen wordt geacht niet als tussenteelt op landbouwgrond te zijn geteeld en te hebben geleid tot de vraag naar meer land, tenzij de inboeker het tegendeel aantoont.
7.
In afwijking van het eerste lid schrijft het bestuur van de emissieautoriteit een aantal emissiereductie-eenheden bij ter grootte van een bij ministeriële regeling vastgesteld gedeelte van de CO2-equivalent-ketenemissiereductie van de hoeveelheid ingeboekte elektriciteit.
Z

In artikel 9.7.4.7, eerste lid, wordt na «een overzicht» ingevoegd «per sector als bedoeld in artikel 9.7.3.2, eerste lid,» en wordt «hernieuwbare brandstofeenheden» vervangen door «emissiereductie-eenheden».

AA

Artikel 9.7.4.8 komt te luiden:

Artikel 9.7.4.8
1.
De inboeker die een vloeibare biobrandstof levert die is uitgezonderd van het vereiste van artikel 9.7.4.2, eerste lid, onderdeel b, overlegt voor 1 mei van het kalenderjaar volgend op het kalenderjaar waarin hij de vloeibare biobrandstof heeft geleverd aan het bestuur van de emissieautoriteit een verklaring van een verificateur waaruit blijkt dat de geleverde brandstof vervaardigd is uit biomassa.
2.
De inboeker die een hoeveelheid biobrandstof als bedoeld in het eerste lid inboekt, beschikt over een verklaring van een verificateur dat die biobrandstof voldoet aan de voorwaarden, bedoeld in dat lid.
3.
De verificateur geeft geen verklaring af indien niet is voldaan aan de eisen, bedoeld in het eerste lid.
4.
De verificateur bewaart alle gegevens en documentatie met betrekking tot de verificatie gedurende ten minste vijf jaar na afloop van het kalenderjaar waarop de verificatie betrekking heeft.
5.
Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen nadere eisen worden gesteld aan de verificateur en de verificatie.
AB

In artikel 9.7.4.9 wordt «1 mei» vervangen door «1 april» en wordt «hernieuwbare brandstofeenheden» vervangen door «emissiereductie-eenheden».

AC

In artikel 9.7.4.11, eerste lid, wordt «hernieuwbare brandstofeenheden» vervangen door «emissiereductie-eenheden».

AD

In artikel 9.7.4.12, eerste lid, wordt «9.7.4.8, tweede lid, en» vervangen door «9.7.4.8 en».

AE

Artikel 9.7.4.13 wordt als volgt gewijzigd:

5.
Indien per sector als bedoeld in artikel 9.7.3.2, eerste lid, het aantal per soort emissiereductie-eenheden op de rekening van de inboeker als gevolg van de toepassing van het tweede lid leidt tot een negatief saldo aan emissiereductie-eenheden, vult hij het tekort aan binnen drie kalendermaanden.
AF

In artikel 9.7.4.14, eerste lid, wordt «de aard en herkomst» vervangen door «de aard, herkomst en de CO2-equivalent-ketenemissiereductie».

AG

De titelaanduiding van paragaaf 9.7.5 komt te luiden: § 9.7.5. Register hernieuwbare energie vervoer

AH

In artikel 9.7.5.1, derde lid, wordt na «artikel 9.7.5.3» een zinsnede toegevoegd, luidende:

«, met een onderscheid naar sectoren als bedoeld in artikel 9.7.3.2, eerste lid».
AI

Artikel 9.7.5.3 wordt als volgt gewijzigd:

AJ

In artikel 9.7.5.4, vierde lid, wordt «hernieuwbare brandstofeenheden» vervangen door «emissiereductie-eenheden».

AK

Artikel 9.7.5.6 komt te luiden:

Artikel 9.7.5.6
1.
Van het aantal per soort per sector emissiereductie-eenheden op 1 april van enig kalenderjaar op de rekening in het register van een leverancier tot eindverbruik, nadat het bestuur van de emissieautoriteit toepassing heeft gegeven aan artikel 9.7.2.5, eerste lid, onderdeel b, op de rekening in het register van een inboeker of op de rekening in het register van een onderneming als bedoeld in artikel 9.7.5.3. derde lid, wordt een gedeelte gespaard ten behoeve van het direct daaropvolgende kalenderjaar.
2.
Van de rekening in het register van de leverancier tot eindverbruik en van de rekening in het register van de inboeker worden uitsluitend emissiereductie-eenheden per soort gespaard van de sector waarin ze leverancier tot eindverbruik onderscheidenlijk inboeker zijn.
3.
Bij algemene maatregel van bestuur worden regels gesteld omtrent het gedeelte, bedoeld in het eerste lid, en de volgorde waarin per sector als bedoeld in artikel 9.7.3.2, eerste lid, de soort emissiereductie-eenheden gespaard worden. Voor de leverancier tot eindverbruik, de inboeker of de onderneming, bedoeld in artikel 9.7.5.3, derde lid, kunnen verschillende regels worden vastgesteld omtrent het gedeelte, bedoeld in het eerste lid.
4.
De emissiereductie-eenheden die niet worden gespaard, vervallen van rechtswege.
AL

Artikel 9.7.6.1 wordt als volgt gewijzigd:

  1. de broeikasgasemissiegegevens;
2.
De producent van waterstof uit elektriciteit uit hernieuwbare bronnen, niet zijnde biomassa, controleert:
  1. de aard en hoeveelheid van de door hem gebruikte elektriciteit uit hernieuwbare bronnen, niet zijnde biomassa, voor de vervaardiging van de hernieuwbare waterstof;
  2. de juiste verhouding tussen de hoeveelheid gebruikte elektriciteit uit hernieuwbare bronnen, niet zijnde biomassa, en de hoeveelheid door hem vervaardigde hernieuwbare waterstof;
  3. de hoeveelheid per afnemer van de door hem geleverde hernieuwbare waterstof;
  4. de broeikasgasemissiegegevens;
en voert hierover een goede boekhouding.
3.
De producent van een hernieuwbare brandstof van niet-biologische oorsprong controleert:
  1. de aard en hoeveelheid van de door hem gebruikte hernieuwbare waterstof voor de vervaardiging van de hernieuwbare brandstof van niet-biologische oorsprong;
  2. de juiste verhouding tussen de hoeveelheid gebruikte hernieuwbare waterstof en de soort en hoeveelheid door hem vervaardigde hernieuwbare brandstof van niet-biologische oorsprong;
  3. de hoeveelheid per afnemer van de door hem geleverde hernieuwbare brandstof van niet-biologische oorsprong;
  4. de broeikasgasemissiegegevens;
en voert hierover een goede boekhouding.
4.
Bij ministeriële regeling worden nadere regels gesteld over het eerste tot en met derde lid.
AM

Artikel 9.7.6.2 wordt als volgt gewijzigd:

2.
Een onderneming of een partij die gecertificeerd is volgens een vrijwillig systeem voert een massabalans van hernieuwbare brandstoffen van niet-biologische oorsprong.
AN

Artikel 9.7.6.3 komt te luiden:

Artikel 9.7.6.3
1.
Het bestuur van de emissieautoriteit houdt toezicht op een certificeringsorgaan:
  1. dat namens het duurzaamheidsysteem in het kader van de naleving van duurzaamheids- of broeikasgasemissiereductiecriteria voor grondstoffen voor biobrandstof en biobrandstof onafhankelijke audits uitvoert;
  2. dat namens het vrijwillige systeem in het kader van de naleving van broeikasgasemissiereductiecriteria voor hernieuwbare brandstoffen van niet-biologische oorsprong onafhankelijke audits uitvoert;
  3. dat namens het duurzaamheidsysteem of het vrijwillige systeem de nauwkeurigheid en volledigheid van de door marktdeelnemers in de Uniedatabank ingevoerde gegevens controleert.
2.
Het bestuur van de emissieautoriteit brengt het duurzaamheidsysteem of het vrijwillige systeem onverwijld op de hoogte van een vastgestelde non-conformiteit.
AO

Titel 9.8 komt te luiden:

AP

In artikel 18.2f, tweede lid, vervalt «artikel 9.2.2.6a en».

AQ

In artikel 18.6b wordt na «9.7.2.5,» ingevoegd «9.7.2.6,» en wordt «9.8.2.3 of 9.8.2.5» vervangen door «,9.8.3.6 of 9.8.5.1».

AR

Artikel 18.16s wordt als volgt gewijzigd:

2.
De op grond van de artikelen, bedoeld in het eerste lid, op te leggen bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste het bedrag dat is vastgesteld voor de zesde categorie, bedoeld in artikel 23, vierde lid, van het Wetboek van Strafrecht, of, indien dat meer is, ten hoogste 10% van de omzet van de onderneming, onderscheidenlijk, indien de overtreding door een ondernemersvereniging is begaan, van de gezamenlijke omzet van de ondernemingen die van de vereniging deel uitmaken, in het boekjaar voorafgaande aan de beschikking waarin de bestuurlijke boete wordt opgelegd.
5.
Het bestuur van de emissieautoriteit kan, indien een raffinaderijhouder drie of meer overtredingen van de artikelen 9.8.3.1, 9.8.3.2 of 9.8.3.6 heeft begaan, bepalen dat die raffinaderijhouder gedurende een door het bestuur te bepalen termijn geen door hem in zijn raffinaderij gebruikte hoeveelheid hernieuwbare brandstof van niet-biologische oorsprong kan inboeken op grond van artikel 9.8.3.1.

Artikel 9.7.1.3

Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over:

Artikel 9.7.2.1

Artikel 9.7.2.6

Artikel 9.7.3.1

Artikel 9.7.3.2

Artikel 9.7.3.4

Artikel 9.7.3.8

Indien het saldo van het aantal per soort emissiereductie-eenheden op een rekening in het register negatief is, worden de bijgeschreven emissiereductie-eenheden per soort volgens bij algemene maatregel van bestuur vast te stellen regels afgeschreven.

Artikel 9.7.3.9

Het bestuur van de emissieautoriteit stelt voor de sector land en de sector binnenvaart jaarlijks, per soort emissiereductie-eenheid die de leverancier tot eindverbruik voor het voldoen aan zijn jaarverplichting mag gebruiken, de energiebijdrage van de emissiereductie-eenheid vast. Bij ministeriële regeling worden regels gesteld met betrekking tot de jaarlijkse vaststelling.

Artikel 9.7.4.1

Artikel 9.7.4.4

De in te boeken vloeibare of gasvormige hernieuwbare brandstof van niet-biologische oorsprong:

Artikel 9.7.4.6

Artikel 9.7.4.8

Artikel 9.7.5.6

Artikel 9.7.6.3

Artikel 9.8.1.1

In deze titel en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

Artikel 9.8.2.1

Artikel 9.8.2.2

De artikelen 9.7.3.3 tot en met 9.7.3.7 zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat telkens voor «emissiereductie-eenheid» wordt gelezen «raffinagereductie-eenheid».

Artikel 9.8.3.1

Artikel 9.8.3.2

Artikel 9.8.3.3

Artikel 9.8.3.4

Artikel 9.8.3.5

De artikelen 9.7.4.9 en 9.7.4.11 zijn van overeenkomstige toepassing, met dien verstande dat telkens voor «hernieuwbare energie» wordt gelezen «hernieuwbare brandstof van niet-biologische oorsprong» en voor «emissiereductie-eenheid» wordt gelezen «raffinagereductie-eenheid».

Artikel 9.8.3.6

Artikel 9.8.3.7

Artikel 9.8.4.1

Artikel 9.8.4.2

Artikel 1 Artikel 9.8.4.3

Artikel 2 1. Het bestuur van de emissieautoriteit opent op verzoek van de raffinaderijhouder op diens naam in het register een rekening met inboekfaciliteit en overboekfaciliteit.

Artikel 3 2. Het bestuur van de emissieautoriteit opent op verzoek van de leverancier tot eindverbruik, bedoeld in artikel 9.7.1.1, of de onderneming, bedoeld in artikel 9.7.5.3, derde lid, op diens naam in het register een rekening met overboekfaciliteit.

3. Het bestuur van de emissieautoriteit opent op naam van de partijen, bedoeld in het eerste en tweede lid, niet meer dan één rekening.

4. Het bestuur van de emissieautoriteit opent in het register een afboekrekening.

5. Bij ministeriële regeling worden regels gesteld over het openen, bijhouden en beheer van de rekeningen in het register.

Artikel 9.8.4.4

Artikel 9.8.4.5

Artikel 9.8.5.1

Artikel 9.8.5.2

ARTIKEL II

Artikel 71h van de Wet op de accijns wordt als volgt gewijzigd:

  1. hernieuwbare brandstof van niet-biologische oorsprong als bedoeld in artikel 9.7.1.1 van de Wet milieubeheer, waarvoor een verklaring van een verificateur is afgegeven, overeenkomstig de eisen gesteld bij of krachtens artikel 9.7.4.4 van die wet.

ARTIKEL III

ARTIKEL IV

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.

Wetswijzigingen integreren met je processen? Probeer Way 3 weken gratis.